Posts tonen met het label Internet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Internet. Alle posts tonen

zondag 12 juli 2009

Leven op Wolkjes

Absolute elsewhere in the stones of your mind,
... projecting our images in space and in time


verzen ontleend aan John Lennon's - Mind Games

De opvatting dat het internet zou kunnen uitgroeien tot een superbrein is geen exclusief idee van Google, maar maakte algemeen opgang bij de academici en dilettanten die midden jaren negentig van de vorige eeuw een aansluiting of toegang tot internet hadden. De mening leefde dat wanneer iedere deelnemer aan het internet er zijn bewustzijnsinhouden zou uitstorten en met principes van nabijheid, gelijkheid en herkenbaarheid zou koppelen aan andere sites en pagina's, het internet een digitaal brein zou worden met een netwerk van een veeltalligheid van aan elkaar verbonden neuronen.
In het artikel "Virtuele Vrienden" over sociale netwerken online, dat verscheen in PC-Active 213 van april 2008, wordt deze begintijd nog tot leven geroepen waar er sprake is van Geocities en Webring. Geocities was een gratis initiatief waar iedereen met een beetje kennis van html zelf een aantal pagina's online kon zetten. Het formaat van de pagina's was vrij en de webpagina of homepage diende in een bepaalde categorie ondergebracht te worden zoals "technisch", "film", "muziek" of "reizen". Het concept sloeg aan bij de gebruikers die zich organiseerden in "webrings": een soort ondergronds reclamenetwerk zonder commerciële bedoelingen waarbij soortgelijke sites naar elkaar verwezen aan de hand van banners. De onderwerpen varieerden van Anarchisme over Wicca tot Pamela Anderson en Star Trek. Daarbij werd handig gebruik gemaakt van het intern mechanisme van de zoekmachines van internet dat de relevantie van een pagina stijgt naarmate er meer webkoppelingen naar verwijzen en waardoor het aantal bezoekers stijgt.
Inmiddels heeft Yahoo, dat Geocities had overgenomen, aangekondigd dat zij de dienst Geocities zal stopzetten vanaf oktober 2009 en nodigt Webring de mensen die nog een homepagina onderhouden op Geocities uit te migreren naar de door Webring opgestarte hosting service.
De coöperatieve mentaliteit van de pioniers heeft de plaats moeten ruimen voor het consumentisme van de kolonisten die in massa's zijn beginnen toestromen en zichzelf niet meer zien als participanten die zelf deelnemen en bijdragen aan het internet, maar als gebruikers die dat internet beschouwen als een immens reservoir aan menselijke kennis en aandacht waar men vrij uit kan putten ter persoonlijke lering en verrijking, dan wel om marketing-technische redenen en waarnaar men dan verwijst als de wolk. Niet langer de vraag hoe werkt deze nieuwe vinding en hoe kunnen we haar verder ontwikkelen zodat ze aangenaam en comfortabel aan te wenden is houdt deze nieuwlichters bezig, maar wel de vraag hoe kunnen we deze nieuwe vinding zo efficient mogelijk exploiteren zodanig dat ze ook wat opbrengt. Vanuit de imperialistische visie is de wolk dan ook hierarchisch geordend waarbij een operator als Google als voornaamste exploitant als een spin in het centrum van het wereldwijde web wordt gezien. Daarbij vergeet men de oorspronkelijke idee van kringwerking van onafhankelijke computerssytemen die door zich met elkaar te verbinden het internet uitmaken.
Coöperatie en competitie zijn niet met elkaar te rijmen. Zo zal een hobbyist die een fanpagina van Pamela Anderson onderhoudt misschien met plezier webkoppelingen aanleggen naar andere liefhebbers die een dergelijke pagina onderhouden. Maar je kan moeilijk gaan verwachten dat een garagehouder op zijn website een pagina gaat onderhouden met weblinks naar sites van andere merk- en depothouders in dezelfde stad. Allicht zal hij proberen de aandacht die hij verkrijgt van mogelijke cliëntele eerder aan zich te binden dan door te verwijzen. Ook tal van academische websites van universiteiten en hogescholen hebben hun verspreiding van vrije tractaten ingekort of volledig stopgezet en geven op hun website enkel nog de lesroosters en inschrijvingsvoorwaarden.
Momenteel vervult het internet een vijftal functies. Naast de oorspronkelijke opvatting van het internet als een onbeperkt kennisreservoir in de zin van een online encyclopedie en vrije bibliotheek leeft thans de idee dat internet nog gebruikt kan worden voor volgende toepassingen;
Het internet als openbare marktplaats waarbij alle soorten van marketing aan bod komen gaande van marktonderzoek en informatieverzameling over business to business en business to consumer modellen tot internetveilingen en advertentiesites voor transacties tussen particulieren onderling. Daarbij bestaan er onverenigbaarheden en conflicten tussen de noties privacy, vrije en openbare informatie. Merk verder op dat postorderbedrijven reeds zeer lang bestaan, maar toch nooit meer dan een marginaal marktaandeel wisten te verwerven.
Het internet als een directory voor personen en plaatsen, waarbij het de rol vervult van de witte en gele telefoongidsen. Dit niet alleen doordat men deze telefoongidsen online kan raadplegen, maar ook doordat men met een zoekopdracht op de naam van iemand terecht kan komen op diens profielpagina waar een telefoonnummer of andere informatie te vinden is. Soms treft men een vermelding van een naam op de website van een firma waar iemand werkzaam is of treft men de naam aan in lijsten van competitie-uitslagen van een sportbeoefening, soms vindt men geen spoor. Ik herinner me nog ergens een speelfilm met Whoopi Goldberg waar zij zorgvuldig een persoonlijk profiel op internet voorbereidt met het oog op latere tracering in de wereld van de beursmakelarij. Ook vragen in de zin van welke hotels bevinden zich in de nabijheid van deze of gene vakantiebestemming of welke hondenkennels bevinden zich in de nabijheid van mijn woonplaats kunnen een bevredigend antwoord krijgen, denk daarbij maar aan toepassingen als Google Maps of soortgelijke diensten.
Het internet als sociale ontmoetingsplaats is een functie die reeds in het begin waarneembaar was in toepassingen als de usenet newsgroups waarin mensen berichten uitwisselden rond een bepaald thema op grond van een gedeelde interesse. Deze functie lijkt thans overgenomen door de wijdverspreide webforums en blogs.
De zgn. sociale software is te beschouwen als een moderne, digitale versie van het poëzie-album of het "College Year Book". Hier wordt geen blijk meer gegeven van een intellectuele verbondenheid op basis van cognitief gedeelde interesses, maar eerder van een emotionele verbondenheid op basis van gedeelde ervaringen. Deze sociale websites bieden de mogelijkheid een persoonlijk profiel aan te maken en deze te koppelen aan de profielen van andere gebruikers, waarbij het oorspronkelijk de bedoeling is koppelingen aan te leggen naar familieleden, schoolkameraden, uitgaansvrienden en werkmakkers.
De sociale website wordt daarbij een virtueel verlengstuk van het persoonlijke sociale netwerk en biedt de mogelijkheid te zien wie er een bezoek heeft gebracht aan de eigen pagina, dan wel een kleine attente boodschap of een gedichtje achterliet in het gastenboek. En andere mogelijkheid is het ter beschikking stellen van foto's in foto-albums. Karakteristiek vindt men hier vaak foto's terug van uitgaande jongeren op digitale foto's van een discotheek of dancing. Momenteel lijken deze sociale websites hun doel voorbij te schieten en ontstaat er ook hier een competitie om zoveel mogelijk koppelingen naar vrienden te verzamelen, zelfs met personen waarmee slechts een opppervlakkig virtueel contact of zelfs helemaal geen contact bestaat.
Ook de chatprogramma's allerhande zoals irc, icq en msn bieden de mogelijkheid tot virtuele ontmoetingen met zowel bekenden als onbekenden. Vaak verschuilt men zich, mogelijks uit reserves en wantrouwen, achter een schuilnaam. Ook versierpogingen en hofmakerijen komen in deze toepassingen voor.
Het internet als media entertainment is de vijfde functie die ik wens te bespreken. Het gebruik van audio-visuele middelen zoals foto's, muziekopnames en videoclips op internet heeft een hoge vlucht genomen.Tevens is er zich een duidelijke synergie en symbiose gaan ontwikkelen tussen het internet en andere traditionele media zoals de dagbladen en tijdschriften, de muziekwereld en de speelfilm. Er is tevens de opkomst van het nieuwe medium van computerspelen. Bij deze vijfde functie van het internet zoekt de gebruiker enkel zich te verstrooien of te ontspannen door bvb. te grasduinen in de actualiteit op websites van televisiejournaals en dagbladen, online een rockconcert bij te wonen of op YouTube clips te bekijken van de favoriete popvedette, op legitieme en reguliere wijze een speelfilm te downloaden en bekijken van een video-on-demand of pay-per-view systeem, dan wel zich vertrouwen op de solidariteit tussen gebruikers en van de speelfilm een piratencopie voor persoonlijk gebruik binnenhalen van peer-to-peer netwerken of bit-torrent websites. Ook het online in een netwerk spelen van een computergame behoort tot de mogelijkheden, net zoals het wagen van een gokje op een site voor online weddenschappen of casinospelen. Ook zijn er netwerken om klassieke bordspelen zoals schaken of backgammon in competieverband te spelen.



Zoals reeds aangestipt gaan andere media thans een synergie en symbiose aan met het internet, zonder er volledig in op te gaan. We zouden dan ook kunnen zeggen dat de wolk het geheel van mediale activiteiten is die de cultuuroverdracht en cultuurverandering in onze samenleving daarstelt en waarnaar in het werk van de franse denker Michel Foucault verwezen wordt als het "discours". Daarbij is het internet slechts een onderdeel en omvat (nog niet) het hele discours.
Het behoort tot het domein van de epistemologie of kennisleer om te onderzoeken hoe de mens waarneemt en via zijn waarnemingen tot kennis komt en na te gaan welke methodologie hij hanteert om zijn waarnemingen te toetsen aan en te ordenen in een paradigma dan wel een hypothese dat kan opgebouwd zijn in a priori aanwezige en kenbare natuurwetten dan wel a posteriori op grond van waarneming opgebouwde theoriën. Eén van de grote basispremissen daarbij is dat de mens structurerend waarneemt met inductieve en deductieve methodes.
Een onderzoeksdomein van de epistemologie houdt zich bezig met het onderzoeken en ontwikkelen van de systemen die de mens gebruikt om zijn kennis in te verzamelen en te orderen. Daarbij wordt getracht systemen te ontwikkelen die zoveel mogelijk in overeenstemming zijn met de werking van de menselijke hersenen. In de eerste plaats denkt men hier aan een taxonomie en de algoritmes om deze te bevragen.
Naar de inzichten van de renaissance bestond het kennis- en opvoedingsmodel sedert de klassieke oudheid uit het trivium en het quadrivium, respectievelijk de grammatica, retorica en dialectica enerzijds en de astronomie, geometrie, mathematiek en muziek anderzijds.
De Engelse filosoof Francis Bacon stelde bij het begin van de zeventiende eeuw een indeling van de wetenschappen voor waarbij iedere wetenschap uiteindelijk zou geclassificeerd kunnen worden onder een van drie algemene hoofdwetenschappen; nl. geschiedenis, poëzie en filosofie. Ieder van deze hoofdtakken vindt zijn oorsprong in een van de drie faciliteiten van de menselijke geest, nl. het geheugen, de verbeelding en de rede.
Wanneer we de geschiedenis van het denken van de afgelopen eeuwen beschouwen is de eerste poging om te komen tot een alomvattende en systematische ordening van de menselijke kennis die in het oog springt wel deze van de franse Encyclopédisten uit de achttiende eeuw met figuren zoals Voltaire, Montesquieu, Rousseau, Helvetius, Holbach, Condorcet, Quesnay en Turgot die onder de redactionele leiding van Diderot en d'Alembert samenwerkten aan de totstandkoming van de eerste moderne Encyclopedie, die als ondertitel meekreeg "Dictionnaire raisonné des sciences, des arts et des métiers" en waaruit blijkt dat het geheel der menselijke kennis op empirische gronden berust en kan worden ingedeeld in één van drie grote kennisdomeinen; nl. wetenschappen, kunsten of ambachten en verder alfabetisch kan worden geordend.
De Duitse filosoof en academisch pedagoog Christian von Wolff (1679-1754) had reeds eerder op teleologische gronden en aansluitend bij Leibniz' indeling van de waarheden in redelijk-noodzakelijke en feitelijke een opzet van de kennistheorie in vier onderdelen gegeven, nl.: rationeel-theoretisch, rationeel-praktisch, empirisch-theoretisch en empirisch-praktisch.
In de loop van de 19de eeuw zal de franse filosoof en socioloog Auguste Comte de ingrijpende veranderingen van de politieke en industriële revolutie tot een nieuwe synthese weten te brengen in het zgn. wetenschappelijk positivisme welke het oude godsdienstige wereldbeeld kon vervangen. Het positivisme gaat ervan uit dat alle kennis slechts op empirische gronden, d.i. door waarneming en ervaring kan worden bekomen. Ethica en recht worden voortaan bestudeerd als sociologische of antropologische fenomenen. Gekend is het werk "Systeem van de Positieve Filosofie" van Auguste Comte. Daarin geeft hij een indeling van de wetenschappen volgens een natuurlijke indeling van de gebieden der verschijnselen of fenomenen. Alle fenomenen kunnen onder een betrekkelijk klein aantal grondbegrippen worden gebracht. De rangorde der klassen wordt bepaald door de graad van enkelvoudigheid of algemeenheid. Er is een bepaalde rangorde van wetenschappen; opklimmend van de wiskunde via de sterrenkunde, natuurkunde naar de biologie wordt het object steeds ingewikkelder en worden de resultaten van het onderzoek steeds minder algemeen geldig. Comte geeft de volgende indeling:
  • Wiskunde
  • Anorganisch:
    • Astronomie
    • Fysica en Chemie
  • Organisch:
    • Biologie
    • Sociologie
Alle humane wetenschappen worden onder de noemer sociologie gebracht en de godsdienst wordt een "religion de l'humanité".
De decimale classificatie van rubrieken en onderwerpen ontworpen door Melvil Dewey in 1873 met het oog op het catalogiseren en plaatsen van boeken in een bibliotheek was zeker geïnspireerd aan het wetenschappelijk positivisme en kent volgende indeling:
  • 0 Algemene Naslagwerken
  • 1 Filosofie
  • 2 Godsdienst
  • 3 Sociale Wetenschappen
  • 4 Psychologie-Pedagogie
  • 5 Exacte Wetenschappen
  • 6 Toegepaste Wetenschappen
  • 7 Kunst- en Cultuurgeschiedenis
  • 8 Taalkunde en Literatuur
  • 9 Aardrijkskunde-Geschiedenis
In deze indelingen treffen we een gradiënt aan van een geleidelijk verloop van de pool abstractie naar de pool concretie.
Er valt ook nog wat te zeggen voor de indeling van kennisgebieden op louter sociologische of antropologische gronden in de zin van inwijdingskringen van groepen van mensen en de kennis die ze delen. Dit criteria kan zowel voor natuurvolkeren als voor cultuurvolkeren in een technologisch stadium aangewend worden. Hierbij wordt vastgesteld op welke niche of voedingsbodem een populatie zich heeft gehecht en de kennis van welk produktieproces die populatie hanteert. Dit soort van indeling vinden we bvb. terug in de indeling van beroepsgroepen in de arbeidsmarkt zoals die hetzij psychologisch hetzij economisch wordt gehanteerd. In het economisch taalgebruik spraak men dienaangaande voorheen ook wel van branche of rayon. Ter illustratie zij verwezen naar de economische indeling in paritaire comités of de functionele indeling van een internetdirectory als Yahoo.
In de loop van de twintigste eeuw verschuift de aandacht voor de kennis- en waarnemingstheorie van het domein van de filosofie naar dat van de psychologie, fysiologie en cybernetica en waarbij de menselijke geest wordt beschouwd als een feedbacksysteem van input en output, gestuurd door synapsen in het zenuwstelsel en afscheidingen van hormonen in diverse klieren.
Een primaire indeling van de hersengebieden, inzonder van de hersenschors of cortex, bestaat in het onderscheiden van een linker- en rechterdeel van de hersenen, waarbij de linkerhemisfeer verbaal-analytische functies vervult zoals logisch denken, taalkundige uitingen en mathematische berekeningen en de rechterhemisfeer globaal-intuïtieve functies zoals het herkennen van gezichten en patronen, ruimtelijk inzicht in samenhangen, gevoel voor ritme en esthetiek. Aan de basis zijn de twee hemisferen met elkaar verbonden door de hersenbalk, een dikke streng zenuwvezels, die hen toelaat in beide richtingen informatie uit te wisselen. De hypothalamus vormt, samen met de pijnappelklier en hypofyse, een onderdeel van de tussenhersenen.
Herkennen we hierin nog het hoger genoemde geleidelijk verloop tussen de abstraherende, synthetiserende functies van filosofie en religie naar de concretie van de rekenkundige, logische-wetenschappelijke en taalkundige uitingen, dan zal vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw en het aanbreken van het zgn. psychedelische tijdperk in de cultuurgeschiedenis het inzicht in de structuur en werking van de hersenen een belangrijke doorbraak kennen.
Een eerste doorbraak kwam er door het onderzoek naar de werking van psychotrope stoffen, inzonder van Albert Hofmann's LSD, waarvan de moleculaire structuur overeenkomsten vertoont met die van serotonine, de neurotransmitter die verantwoordelijk is voor de synapsen tussen de zenuwcellen die zorgen voor de overdracht van informatie binnen de hersenen en het zenuwstelsel.
De digitale revolutie zorgde voor een tweede doorbraak in het hersenonderzoek, die werd bereikt door het inzetten van de zgn. CT scan, waardoor de medische beeldvorming rond de structuur en de werking van de hersenen aanzienlijk vooruitging en verbeterde.
Thans beschouwt men het bewustzijn als een miniatuurmens of homunculus die zich van zijn omgeving en zichzelf bewust wordt en er op kan reageren en zijn interpersoonlijke transacties kan regelen door gebruik te maken van zekere organen en kernen van verdichting in de hersenschors waarnaar men verwijst als keien of eilanden. Deze hebben elk hun functie en men onderscheidt zo o.a. het zichtcentrum, het psycho-sensorisch en psycho-motorisch centrum, het denkvermogen, het geheugen als reservoir van opgeslagen indrukken en emoties en dergelijke meer.
Binnen de psychedelische beweging was er tevens een tendens om de intuïtieve, synthetiserende, abstraherende activiteit van de rechterhemisfeer te bevoordelen en extra te activeren boven die van de linkerhelft. Daarbij diende men te gaan leren denken in analogiën, waarbij de menselijk kennis en ervaring niet langer ingedeeld diende te worden in strikte logische categoriën, maar wel gerelateerd aan dieptepsychologische archetypes zoals bvb. de zeven planetaire sferen of de zeven boeddhistische lichamen.
De neuronen, de talrijke verbindingen die zij onderling maken en de verdichtingen die zo ontstaan vertonen overwegend een blijvend karakter. De houdbaarheidsdatum van een bladwijzer of webkoppeling naar informatie op het internet daarentegen lijkt te belopen op zes maanden tot vijf jaar, maar het valt te verhopen dat voor zekere monikers een langere tijdspanne inzake levensduur gewaarborgd blijft. Alleszins kan de analogie en vergelijking van het internet met een wolk eerder dan met een superbrein hierdoor aannemelijk worden. Net zoals een wolk onder welbepaalde meteorologische omstandigheden ontstaat, zich verdicht en weer tot oplossing komt, ontstaat er op het medium internet een wolk van informatie die inhoudelijk steeds verandert en vernieuwt. Zo heb ik de afgelopen jaren zelf kunnen vaststellen hoe bepaalde wereldschokkende gebeurtenissen zoals bvb. de Tsoenami, de overstroming van New Orleans of het schielijk overlijden van de popster Michael Jackson geleid hebben tot een verdichting van zowel trafiek (zoekopdrachten, pagina-opvragingen) als van content (aangeboden inhoudelijke bijdragen). Overigens beperkt die verdichting zich niet tot het medium internet, maar is deze ook merkbaar bij de andere media zoals die van de boeken, de dag- en weekbladen of de radio- en televisiebulletins en -documentaires. Denk bvb. aan het schielijk overlijden van de populaire royalty Lady Diana toen er nog geen internet voorhanden was.
----------------
Leven op Wolkjes,
door Eric Verdonck.
opgedragen in de nagedachtenis van Simon Vinkenoog
----------------
Now playing: John Lennon - Mind Games

zaterdag 25 april 2009

Boeken Digitaal Catalogiseren

Iedereen heeft wel een collectie boeken, dat kan gaan van enige tientallen boeken, terwijl het bij liefhebbers al snel in de honderd-, zoniet in de duizendtallen kan gaan lopen. Overigens hoeft men geen bibliofiel met een bibliotheek zijn om de noodzaak te ondervinden boekeninformatie te verzamelen en te orderen.
Zo kan men een leeslijst willen bijhouden van de boeken die men gelezen heeft of wilt men de bibliografische gegevens van geraadpleegde werken samenbrengen voor de voetnoten en bronvermeldingen van zijn geleerde tekst of dissertatie.
Voorts is het tegenwoordig verstandiger te spreken van media of informatiedragers dan van boeken vermits ook tijdschriftenartikelen en optische schijven zoals CD en DVD, die dragers kunnen zijn van bioskoopfilmen, documentaires en muziekuitvoeringen, het voorwerp kunnen uitmaken van een catalogus.
Deze tekst onderzoekt een aantal mogelijkheden om met behulp van de computer en desgevallend enige internetdiensten zijn informatie te ordenen en klasseren.
Vooreerst kunnen we nagaan met welk nut men een catalogus opstelt. In het geval van een bibliotheek is een van de nagestreefde doelen het opstellen van een inventaris of stocklijst waarin het boekenbezit is opgenomen. Voor een gebruiker is vooral het kennismanagement in de zin van het klasseren van de boeken in de zinvolle categoriën van een onderverdeelde taxonomie of classificatieschema belangrijk. Uit het classificatieschema volgt ook de rangschikking en plaatsing van de boeken in de rekken van de bibliotheek. De numerieke code van het gehanteerde classificatieschema geeft de vindplaats van het boek in de bibliotheek weer. Gekoppeld aan een dataset van bibliotheekgebruikers laat de catalogus ook toe bij te houden welke boeken ontleend zijn en aan welke gebruiker.
Het is eveneens nuttig eens te te reflecteren over hoe men deze informatie met manuele methodes bijhoudt. Zo kan de licentiaats- of doctoraatsstudent die zijn eindthesis of dissertatie voorbereidt gebruik maken van een bundel steekkaarten of bladfiches in een atoma-schrift. Op een fiche kan hij dan de bibliografische gegevens van geraadpleegde documenten en boeken die over een welbepaald specifiek thema handelen samenbrengen. Ook is het mogelijk een fiche op te stellen voor elk geraadpleegd werk en op die fiche ook uittreksels en aanhalingen uit dat werk te noteren.
Het bij MS Encarta gebundelde hulpmiddel Projectbeheer of Onderzoekscentrum legt op een steekkaart op te stellen voor iedere aanhaling of citatie.
In een bibliotheek werden drie steekkaartencatalogi bijgehouden, nl. op titel, op auteur en op kennisrubriek. Voor elk werk dienden dan drie steekkaarten getypt te worden en op hun plaats gerangschikt in de steeklades van deze drie catalogi.

Over boeknummers

Bij het catalogiseren van boeken zal men met twee types van boeknummers leren omgaan; het ISBN en de signatuur. Het eerste is een uniek nummer dat aan een bepaalde uitgave van een bepaald boek wordt toegewezen, het tweede is de numerieke uitdrukking van een kennis- of wetenschapsgebied binnen een classificatieschema waarin men zijn boeken ordent en klasseert. Het ISBN identificeert een boek, de signatuur plaatst het in een rubriek van een kennisschema.
De Encarta Naslagbibliotheek geeft volgende definitie van ISBN (afk. van: International Standard Book Number), een in 1967 in Groot-Brittannië ingevoerd en sedertdien in vrijwel alle westerse landen in de uitgeverij verplicht gesteld internationaal registratienummer. Het ISBN vindt men in het colofon van het boek, maar tegenwoordig ook als streepjescode op de achterzijde van de omslag. Verwant is het ISSN dat aan seriële publicaties zoals tijdschriften en boekenreeksen wordt toegewezen. Op Wikipedia vindt men de volgende informatie voor het lemma ISBN.
ISBN-13 Handleiding (PDF-Document)

Naast het ISBN wordt binnen een collectie nog een uniek referentie- , inventaris- of catalogusnummer gebruikt dat het boek identificeert binnen die dataset, collectie of bibliotheek.
De signatuur van het gehanteerde classificatieschema is een tweede type van boeknummer. De vorm die dit nummer aanneemt en het kennisgebied waarnaar het verwijst hangt volkomen af van het gekozen classificatieschema. Zoals ik in mijn artikel Livres reeds aanstipte zijn er wereldwijd drie grote systemen in gebruik; Dewey Decimale Classificatie, Universele Decimale Classificatie en de Call Numbers van het Library of Congress waarin letters gebruikt worden.
Raadpleging van Wikipedia leert dat het in Nederland en Vlaanderen gehanteerde SISO een nederlandstalige implementatie is van het Dewey Decimale Classificatieschema.
WikiPedia: Dewey
WikiPedia: SISO
WikiPedia: UDC
Meer uitleg over SISO vindt men op de webpagina "Hoe werkt de SISO code?" van leren.nl, terwijl men een 170 bladzijden tellend PDF document met de Vlaamse SISO kan downloaden.
De numerieke SISO signatuur kan men soms ook weervinden in het colofon van het boek, soms tezamen met de UGI code waarmee het zeker niet mag verward worden.
Bibliotheken van particulieren zijn vaak van te beperkte omvang en missen de universele zending die een openbare bibliotheek wel heeft om het opleggen van een classificatieschema te verantwoorden. Zo zal men in de collectie van een particulier vaak slechts enige rubrieken vertegenwoordigd vinden, enerzijds deze die betrekking hebben op zijn opleiding en de vakliteratuur van zijn beroep, anderzijds enige die betrekking hebben op de specifieke vrije tijdsinteresses.
Toch kan het interessant zijn om de classificatie van de openbare bibliotheek die men gewoonlijk bezoekt ook te hanteren in de eigen bibliohteek zodanig dat deze op elkaar afgestemd zijn en men in beiden gemakkelijk zijn weg kan vinden.
Ook kan men een volledig eigen classificatieschema ontwerpen en hanteren, bvb. wanneer de specialisatie van de eigen bibliotheek in een specifieke rubriek dermate is dat in het genormeerde classificatieschema niet alle gehanteerde begrippen zijn gedekt.

Een andere mogelijkheid zou bvb. kunnen zijn dat men zijn bibliotheek opbouwt rond de systematiek van een systematische encyclopedie die men hanteert.


Zo bvb. de materialistische natuurwetenschappelijke systematiek van "Dit is je Wereld" die vanuit de ruimte en de astronomie inzoomt op de aarde en zijn geologie enz. of de ideële cultuurhistorische systematiek van "Orbis Systematische Encyclopedie" die begint vanuit de menselijke expressie taal, schrift, religie, filosofie enz. zijn systematiek opbouwt of de Knowledge Tree van de Grolier Society.

Offline of Online

Persoonlijk vind ik dat de catalogus van de permanente collectie van een particuliere bibliotheek fysiek aanwezig dient te zijn op de computer die in dezelfde ruimte als de boeken staat opgesteld. Bereidt men echter een bibliografisch overzicht voor of houdt men een leeslijst bij dan is het mogelijks interessanter dit te doen met een webapplicatie die men kan benaderen vanuit elke plaats waar men normaal met boeken bezig kan zijn en waar een internetaansluiting voorhanden is zoals op school of op het werk, in de openbare bibliotheek of van thuis uit.
Voor de catalogus van de kleine bibliotheek van een vtijetijdsvereniging of literaire kring kan het nuttig zijn dat deze online op het internet toegankelijk is zodat leden zich kunnen informeren welke boeken ze zich kunnen reserveren en kandidaat-leden op de hoogte gesteld worden van het boekenbezit van de vereniging. Deze doelstelling kan ook bereikt worden door offline aangemaakte catalogusbestanden in excel, access of PDF formaat online ter beschikking te stellen om down te loaden.
In het navolgend overzicht van programma's ben ik voornamelijk uitgegaan van de vrije, t.t.z. kosteloze toegankelijkheid en beschikbaarheid.
Als men handig is met MS Access of Base; het databaseprogramma van de Open Office suite, hoeft het niet eens zo lastig zijn om een eigen database te ontwerpen voor het beheren van zijn boeken. Men kan volstaan met een tabel die men voorziet van volgende veldenstructuur;
* Catalogusnummer uniek referentienummer dat men op het document of voorwerp aanbrengt
* AardDocument (of MateriaalSoort) zoals Boek, Tijdschrift, Artikel, DVD, CD, CD_ROM
* EigenNaam voor de naam van de auteur, regisseur, verteller/presentator, muzikant of componist
* TitelVeld voor het invoeren van de titel van het boek, artikel, speelfilm, documentarire, album
* Bron: voor de naam van de vertaler of de bibliografische verwijzing naar de vindplaats van het tijdschriftartikel
* Plaats en Naam Uitgever
* Jaar van Uitgave
* Genre voor de hoofdrubriek waaronder men deze titel klasseert
* Trefwoorden voor de specifieke rubriek en verdere trefwoorden
* Ontlener om de naam van de ontlener van de titel te noteren
Edwin van ZB Digitaal signaleerde het programma Adlib Library Lite waarvan een stand-alone versie voor een single user gratis ter beschikking is. Men dient wel een geldig email adres op te geven om het programma te kunnen downloaden. Het programma ziet er zeer gelikt uit en komt professioneel over. Zo heeft het de mogelijkheid de bij bibliothecarissen gekende notatieafspraak toe te passen, om bij het invoeren van titels het lidwoord weg te laten en biedt het een zeer ruime veldenstructuur verspreid over vier tabbladen. De ingebouwde online help maakt dit programma bovendien zeer leerrijk wanneer men geïntereseerd is in documentalistische materies.

Adlib Bibliotheek
De Recordinformatieontlening in het programma Adlib Bibliotheek; dit hulpmiddel laat toe met behulp van een internetverbinding de bibliografische gegevens van een werk op te zoeken en over te nemen uit de centrale catalogus van een nationale bibliotheek
Voor kleine bibliotheken die een uitleenpolitiek willen voeren, zoals een school- of klasbibliotheek ten aanzien van zijn leerlingen, een bedrijfsbibliotheek ten aanzien van zijn staf en werknemers, een bibliotheek van een verzamelvereniging, hobby- of sportclub ten aanzien van zijn leden edm. vond ik volgende twee programma's; BiblioteQ en BookDB2.
Beide programma's combineren catalogi voor boeken, magazines, DVD's, CD's met een gegevenstabel van Bibliotheekgebruikers om een ontleensysteem op te zetten. De ontleningsperiode zit in beide programma's ingebakken en kan niet ingesteld worden; voor BiblioteQ bedraagt deze 3 weken, terwijl BookDB2 voorziet in een ontleningsperiode van 2 weken.

De recordinformatieontlening is in beide programma's obsolete te noemen, hoewel men met BiblioteQ boekomslagen kan ontlenen aan Amazon. BookDB2 laat dan weer toe gemakkelijk een catalogus van LibraryThing te importeren.

In BiblioteQ, dat gebaseerd is op een onderliggende SQL databasestructuur, kan je online boekomslagen van Amazon.com ontlenen of manueel toevoegen. Het programma heeft ook een eigentijds layout met aantrekkelijke pictogrammen. Merk op dat in dit programma sprake is van een boek reserveren waar wij eerder spreken van (ont)lenen en reserveren interpreteren als de bibliotheekpraktijk waarbij men een reeds uitgeleend boek voor zich laat voorbehouden zodra het terug binnengebracht wordt met eventueel een notificatie dat het boek beschikbaar is.

Hoewel BookDB2 van Spacejock er minder fraai uitziet en nogal rauw-technisch overkomt biedt het verschillende mogelijkheden die dit programma de betere keuze maakt.
* Automatische routines voor het ontlenen en inleveren van boeken
* Mogelijkheid barcodes af te drukken voor identificatie van boeken en gebruikers en barcodes te gebruiken met een scanner
* Probleemloos importeren van de gegevens uit LibraryThing waarvoor dit programma de perfecte compagnon is
* Mogelijkheid om boeklijsten te exporteren in html
* Programma dat ondersteuning biedt voor meerdere talen waaronder het nederlands
Een blog- of wikiscript is omwille van zijn kneedbaarheid ook bruikbaar als instrument om een catalogus of bibliografie op te zetten. Voor een goed overzicht van wikiscripts kan men zich informeren op WikiMatrix. De werkwijze is vrij eenvoudig; in het onderwerp-veld plaatst men steeds de titel van het werk, terwijl men categoriseert op auteur en thema's met behulp van tag- of labeltechniken.
Zelf vind ik de ingebouwde monikers voor ISBN tracking in het UseMod-script boeiend, hoewel dit geen wikistandaard lijkt en bvb. niet aanwezig is in WikiMedia. Elizabeth Wiethof heeft met het usemodscript een boekenwiki opgezet onder de naam Bookshelved. Een fraai voorbeeld om een wikiscript te gebruiken voor het opzetten van een lexicon vond ik in Encyclopedie van de Antropologie.
Na de bespreking van de mogelijkheden om offline te werken op een lokale computer of intranetserver ga ik over tot de webapplicaties om online een catalogus of bibliografie van boeken samen te stellen en bij te houden. De reeds genoemde blog- of wikiscripts bieden een eerste mogelijkheid om online te werken.
Het bij de bespreking van Bookdb2 reeds genoemde Librarything steekt met kop en schouders uit boven de twee andere mogelijkheden; WorldCat en Google Books.
Alle drie deze programma's zijn angelsaksisch van oorsprong, zodanig dat werken van het nederlandstalige taalgebied er minder aan bod komen. Dat merkt men bvb. aan de boekomslagen en bibliografische gegevens die men met behulp van deze programma's kan ophalen en tonen. In Librarything kan informatie opgevraagd worden van bronnen als de Vlaamse Centrale Catalogus, de Belgische en Nederlandse Koninklijke Bibliotheek of het commerciele Bol.com waardoor meer relevante informatie over nederlandstalige werken voorhanden is. Ook WorldCat telt talrijke nederlandse bibliotheken bij zijn aangeslotenen zodat vooral nederlanders hier vruchtbaar gebruik van zullen kunnen maken. Google Books lijkt me vooral nuttig als men voornamelijk engelstalige boeken hanteert.

Zijn gegevens exporteren kan men in LibraryThing en WorldCat met CSV bestanden, terwijl Google Books gebruik maakt van XML. WorldCat is erg geschikt voor het aanmaken van lijsten en bibliografieën waarvoor het output in verschillende aanhalings- of citatiewijzen voorziet. Bij alledrie deze online toepassingen kan men de keuze maken besloten of openbaar te werken.
Het online openbaar stellen van de catalogus van een collectie kan interessant zijn voor een clubbibliotheek om leden toe te laten met een internetverbinding de collectie te raadplegen. In LibraryThing, dat tevens fungeert als sociale software voor beoekenliefhebbers, is het openbaar delen van zijn catalogus een hulpmiddel om liefhebbers te vinden met dezelfde interesses.

Belangrijkste Downloads uit dit artikel:

ISBN-13 Handleiding (PDF-Document)
PDF document met de Vlaamse SISO
het programma Adlib Library Lite
BookDB2 van Spacejock

-----------------------------
Boeken Digitaal Catalogiseren,
door Eric Verdonck.

zie verder:

Livres
Voorbeelden en Tips
Serapeion:Bibliotheek

donderdag 12 februari 2009

Digitale Bibliotheken en Catalogi

Reeds enige tijd volg ik de blogs van enige bibliothecarissen. Vooral de blog ZB Digitaal van Edwin Mijnsbergen wat voluit staat voor Zeeuwse Bibliotheek Digitaal vond ik erg leerrijk, verhelderend, inspirerend en aanstekelijk. In het navolgend overzicht geef ik een bespreking van de belangrijkste digitale bibliotheken en boekencatalogussen die er op het internet te vinden zijn en die men vrij kan raadplegen. We spreken van een digitale bibliotheek of bibliothèque numérique als men er online de integrale tekst van een boek of artikel kan raadplegen en/of downloaden.

Digitale Bibliotheken

Particuliere Webinitiatieven

De oudste door mij gekende digitale bibliotheek is het Project Gutenberg dat Michael Hart in 1971 lanceerde. Project Gutenberg draait op het voluntarisme van een schare internetgebruikers die boeken en documenten digitaliseren met volgend procédé. Een origineel boek wordt ingescand om een digitale facsimile te bekomen van het werk. Deze digitale facsimile wordt vervolgens met tekstherkenningsoftware (OCR) omgezet tot een tekstbestand. Proeflezers kijken vervolgens het tekstbestand na en vergelijken het met de digitale facsimile en corrigeren de mogelijke tekstfouten. Het tekstbestand wordt gearchiveerd als een zip-bestand en beide versies kunnen gedownload worden van de website. In een tweede stap wordt het tekstbestand in HTML opgemaakt waarbij afbeeldingen op hun plaats in de tekst gezet worden en paginamarkeringen toegevoegd. Ook de HTML versie wordt dan als download aangeboden. Uit deze handelswijze blijkt vooral een zorg om de bestandsomvang van de digitale boeken zo beperkt mogelijk te houden om het downloaden voor offline gebruik zoveel mogelijk te faciliteren. Zelf herinner ik me dat de eerste gedigitaliseerde boeken die ik zo in handen kreeg Dracula van Bram Stoker en de Ilias van Homeros waren, beide in de engelse taal.
Er is op Project Gutenberg thans ook een deelverzameling nederlandstalige werken aanwezig.
Project Gutenberg richt zich tot werken die vrij zijn van auteursrechten. Dit wil zeggen dat men er boeken zal aantreffen van schrijvers die reeds meer dan zeventig jaar overleden zijn, dan wel officiele verdragen, oorkondes en redevoeringen voor of door gestelde lichamen die uit hun aard vrij zijn van auteursrechten.

Een ander initiatief is Sacred Texts. Op deze site treft men een uitgebreide verzameling aan van Heilige Teksten van godsdienstige, levensbeschouwelijke en spirituele tradities van waar ook ter wereld. Net als op Gutenberg betreft het oudere werken die vrij zijn van auteursrechten. De digitale boeken worden op Sacred Texts enkel in een navigeerbaar HTML-formaat aangeboden om online te raadplegen. Voor offline gebruik biedt Sacred Texts zijn collectie te koop aan op optische dragers.

Een fijne selectie van klassieke franstalige werken kan men vinden op de academische website Athena van filosofiedocent Pierre Perroud. De digitale boeken worden er aangeboden als enkelvoudig html- of rtf-bestand (word).

In het nederlandse taalgebied is de website Ars Floreat noemenswaardig als digitale bibliotheek waar men enkele religieus-spirituele werken kan downloaden in pdf-formaat zoals de Statenvertaling van de Bijbel, de Koran, de Baghavad Gita en werken van de Griekse filosoof uit de Oudheid, Plato.

In navolging van het engelstalige Project Gutenberg had de Universiteit van Amsterdam het Project Laurens Jz Coster opgestart om rechtenvrije nederlandstalige literatuur te digitaliseren en ter beschikking te stellen op het internet. Dit project is thans opgegaan in de Digitale Bibiotheek voor de Nederlandse Letteren.

Toonaangevende Nationale Bibliotheken

De drie grote nationale bibliotheken leveren belangrijke inspanningen om rechtenvrije boeken en documenten uit hun collecties te onsluiten en in een of andere gedigitaliseerde versie ter beschikking te stellen.

In Frankijk is er de Bibliothèque nationale de France die sinds 1998 gedigitaliseerde boeken en documenten ter beschikking stelt in het Project Gallica Bibliothèque Numérique en waarvan de online collectie thans in de 675.000 titels loopt. Werden de werken aanvankelijk teruggevoerd tot een tekstbestand in html-formaat, dan zien we dat er thans facsimiles beschikbaar gesteld worden in PDF en TIFF formaat. Blijkbaar is met de opkomst van de internetbreedbandverbindingen de noodzakelijke voorwaarde tot beperking van de omvang der bestanden met het oog op de internetbandwijdte komen weg te vallen zodanig dat het Project midden februari 2009 toe is aan Gallica Version 2.

In de Verenigde Staten vervult de Library of Congres de rol van nationale bibliotheek. Deze bibliotheek werd in 1802 opgericht door President Thomas Jefferson. Via de website van de Library of Congres kan men de digitale collecties bevragen die ter beschikking worden gesteld van het publiek. De talrijke digitale collecties zijn gerubriceerd onder enkele domeinen zoals de Amerikaanse geschiedenis, persberichtgeving in kranten, wetgeving, gedrukte afbeeldingen en fotografie, podiumkunsten edm. en de aangeboden documenten omhelsen zowel tekstbestanden, als afbeeldingen, foto's, geluidsopnames en filmfragmenten.

In Groot-Britannië is een bezoek aan de website van the British Library aanbevolen. Nochtans lijkt het beleid van de British Library niet zozeer gericht op het ter beschikking stellen van downloadbare boeken als tekstbestand; het digitaal ontlenen zeg maar, maar eerder op het inrichten van tentoonstellingen met de zeldzame en kostbare werken uit haar collectie. In de Online Gallery van de website van de British Library kan men met een webapplicatie "Turning the Pages" virtueel bladeren door oude kostbare werken zoals Vesalius' De Humani Corporis Fabrica, Leonardo da Vinci's Schetsboek, Bijbels en Gebedenboeken met miniaturen edm. Alles samen worden er een 30.000 objecten online tentoongesteld waaronder ook animaties van objecten, foto's en afbeeldingen van unieke documenten zoals de Magna Charta enz.

Complementair aan de websites van de drie nationale bibliotheken van Frankrijk, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk noem ik de toonaangevende nationale musea van deze landen; het Louvre, het Smithsonian en het British Museum. Musea beschikken vaak over een goede bibliotheek, specifiek gericht op het bestuderen en documenteren van hun collecties. Op de websites van deze musea worden belangwekkende stukken uit hun collectie die tot het menselijke culturele erfgoed behoren virtueel tentoongesteld en van uitvoerige commentaar en duiding voorzien.

Het catalogusproject Europeana waarover ZB Digitaal berichtte wil de collecties van Europese nationale bibliotheken, musea, archieven en audio-visuele organisaties vanuit een centrale catalogus ontsluiten met steun van de Europese Unie. Daarbij is het onderscheid tussen boeken en andere cultuurdragers zoals beeldhouw- en schilderwerken, kaarten, prenten, afbeeldingen, foto's en audio-visuele fragmenten volledig opgeheven en wordt de zoektocht naar informatie niet langer beperkt tot een louter tekstueel gebeuren, maar mondt uit in een multimediale ervaring.

Internet Instituten

Softwaregigant Microsoft ontwikkelde een eigen leesprogramma voor eBooks met een bestandsformaat met de extensie lit. Hoewel de Microsoft Reader ontwikkeld werd als een alternatief om actuele literatuur en boeken te verhandelen in een digitaal formaat leverde de Universiteit van Virginia een uitgebreide collectie van ruim 2100 Amerikaanse rechtenvrije literaire werken aan in dit eBook formaat. Zo men het gebruik van de Microsoft Reader tot deze freeware collectie beperkt, hoeft men het programma tijdens de installatie niet te activeren voor het online aankopen van eBooks.

Het Internet Archive heeft als doelstelling om een archief op te bouwen van wat online op het internet gepubliceerd werd.
Er is ook een vaste collectie op Internet Archive aangelegd van tekstdocumenten, audio- en beeldfragmenten.

De Internet Public Library is net als de Librarians' Internet Index een academisch project uit de Verenigde Staten dat oorspronkelijk teruggaat naar initiatieven te Michigan resp. Berkeley, California.

Amazon is gekend als het grootste online "clearing house" voor nieuwe en tweedehands boeken, cd's en dvd's. Men kan er informatie vinden over recent verschenen en actueel verkrijgbare niet-rechtenvrije werken. Interessant is dat gebruikers van de website recensies en besprekingen kunnen toevoegen aan de boekenfiches wat een van de oudere voorbeelden is van zgn. user generated content of UGC. Ook de Internet Moviedatabase kan men zo een internetinstituut noemen dat user generated content toeliet lang voor er sprake was van Web 2.0. In de lage landen vormen Proxis.be en Bol.com alternatieven voor het Amerikaanse Amazon.

Ook het boekenantiquariaat is een instituut geworden op het internet. Een centraal aanknopingspunt is MareLibri, terwijl AntiqBook vooral aangeslotenen in de lage landen blijkt te hebben.
Naar tweedehandsboeken kan men ook een vruchtbare zoektocht ondernemen op internetveilingen en zoekertjessites zoals Yezzz.be en 2dehands.be hoewel het doorzoeken van het aanbod er minder gestructureerd is.

Wikipedia, de vrije online-encyclopedie waaraan iedereen kan bijdragen, is een initiatief van de WikiMedia Foundation. Twee spinoffs van het encyclopedieproject zijn Wikibooks en Wikisource.
Wikibooks stelt rechtenvrije handleidingen en leerboeken kosteloos ter beschikking, terwijl Wikisource ontsluiting biedt van oude boeken en brondocumenten. Alles is fraai gepresenteerd als online raadpleegbare html.
[Engelstalige Versies: Wikipedia, Wikibooks en Wikisource]

De zoekmachine Google heeft de laatste jaren ontzettend geïnvesteerd in diversificatie van online diensten en zelf ben ik nogal opgetogen over Google Scholar, Google Earth, Blogger en Picasa. Eén van de projecten van Google die hier speciaal dient vermeld te worden is natuurlijk Google Books dat nog een betastatus draagt. Net als Obidos van Amazon maakt Google Books gebruik van ISBN nummers om een centrale catalogus op te bouwen. Aanvankelijk was Google Books opgezet als een ISBN tracking tool om particulieren toe te laten om een eigen catalogus op te zetten van de private collectie en deze, al dan niet voorzien van recensies en commentaren, online te delen met anderen helemaal in het kader van de huidige web 2.0 inzichten. Thans heeft Google dit kader verruimd en stelt via Google Books ook facsimilis ter beschikking die als PDF bestanden kunnen worden gedownload. In oktober 2008 wist Google hieromtrent een schikking te treffen in een hangend proces. Via de geadvanceerde zoekopdracht kan men er boeken zoeken op auteur, titel, uitgever en ISBN nummer en zelfs in de tekst van meer dan zeven miljoen boeken zoeken.

Digitale Catalogi

Tegenwoordig bieden zelfs de lokale openbare bibliotheken op gemeentelijk niveau vaak al online toegang tot de catalogi van hun collecties. Vanuit waar ik me bevindt betekent dit dat ik een zoektocht naar ontleenbare boeken in openbare bibliotheken start op de websites van Bibliotheeknet Limburg en Bibnet Vlaanderen.

Hoger had ik het reeds over de door gebruikers toegevoegde recensies en besprekingen van boeken bij Amazon en Google Books. LibraryThing bouwt verder rond hetzelfde principe. Zo kan men er als gebruiker weergeven wat er op zijn boekenplank staat en de aangemaakte catalogus van de private collectie al dan niet toegankelijk stellen voor andere gebruikers.

Op het vlak van sociale software scoort LibraryThing echter beter dan Google Books door de aanwezigheid van discussiefora en lezersgroepen rond bepaalde onderwerpen. Hoewel de voertaal op LibraryThing overwegend engelstalig is, is er zo bvb. ook een lezersgroep van Nederlandstalige lezers actief. Zo komt men te weten dat gebruikers gelezen boeken in hun catalogus opnemen ongeacht of ze deze ook bezitten. Het zijn dus eerder leeslijstjes van particulieren dan private catalogi.

In Vlaanderen; het nederlandstalige deel van België, loopt de campagne Iedereen Leest van de Stichting Lezen ter bevordering van het lezen bij alle leeftijdsgroepen. De campagne Iedereen Leest wil het lezen stimuleren door te voorzien in boekenleestips en het ondersteunen van lokale leesgroepen. Gebruikers worden aangespoord hun leeservaringen online te delen met anderen door boekbesprekingen en leestips in te voeren.

In België kan men de diverse catalogi van de nationale Koninklijke Bibliotheek van België online raadplegen. Thans heeft de Koninklijk Bibliotheek ook een deel van haar collecties gedigitaliseerd en biedt deze online aan op de Digitale Bibliotheek Belgica.

De catalogi van de nationale Koninklijke Bibliotheek van Nederland, alsook van andere nationale Europese bibliotheken kan men bevragen op de website van The European Library.

WorldCat dient zich aan als de online bevraagbare wereldwijde boekencatalogus. Daartoe zet WorldCat een globaal netwerk op van bibliotheken die hun catalogi en bronnen ter beschikking stellen voor centrale bevraging. De kracht van een virtuele centrale catalogus valt of staat natuurlijk bij het aantal aangesloten bibliotheken en het komt me voor dat vooral Nederlandse bibliotheken de weg naar WorlCat gevonden hebben, hetgeen niet gezegd kan worden van de Vlaamse nederlandstalige openbare bibliotheken. Eindgebruikers kunnen ook hier met behulp van een persoonlijk account boekenlijsten, bibliografiën en recensies samenstellen.

Aangehaalde en Verwerkte Blogartikels van ZB Digitaal:

De Bibliotheca Alexandrina
Library of Congress op Flickr
Het ISBN-register van Centraal Boekhuis wordt openbaar
Europeana terug op het informatietoneel
Tijdschriften lezen met Google Books
Hoe Google Books verzilverd gaat worden
Overdosis: Communities rondom boeken
De Status quo van Project Gutenberg


-----------------------------
Digitale Bibliotheken en Catalogi,
door Eric Verdonck.